Hét platform voor de zorg

Over Zorg Poort

Contact opnemen

Verslagen

Agenda

Verslag Invitational Conference Zorg Poort  30 september 2015


ZN, Inspectie en Zorgverleners gaan samen aan de slag voor een werkbare transparantie

“Huidig systeem leidt tot stoplichtencultuur, controle en onnodige schade”


Terwijl de laatste hand wordt gelegd aan het huisartsenakkoord over marktwerking, kwaliteit en administratieve lastenverlichting, is de besloten bijeenkomst van deze Zorg Poort volledig gewijd aan kwaliteit: transparantie in de zorg waar de patiënt beter van wordt. Daar moet het om gaan. Maar vanzelfsprekend is dat nog niet. Want wat zeggen de lijstjes van AD of Elsevier over de echte kwaliteit van zorg? Vaak gaat het om bejegening of organisatie, niet om excellente zorg, minder complicaties, nazorg en dergelijke.

Als het gaat om kwaliteit hanteert iedereen naar believen zijn eigen criteria, zo lijkt het. Zorgverzekeraars gebruiken hun eigen kwaliteitscriteria om zorg wel of niet in te kopen, het ministerie heeft criteria om het macrobudget te kunnen vaststellen en normen op te leggen en de Inspectie gebruikt weer indicatoren voor de beoordeling. Zo ontstaat er wantrouwen bij zorgverleners, want: wat bepaalt nu of je een goede zorgverlener bent? Het dictaat van het geld? Een incident? Zorgverzekeraars Nederland erkent het bij monde van voorzitter André Rouvoet en vraagt om een oplossing: ‘We hebben nog niets anders maar willen dat wel heel graag”. IGZ hoofdinspecteur Hans Schoo sluit daarbij aan. Hij wil samen met de zorgverleners in de eerste lijn een werkbaar instrumentarium opzetten. Accreditatie is een goed alternatief: “Laten we dit samen oppakken”.

Arno Timmermans, gespreksleider en voorzitter van de Raad van Bestuur van het Westfriesgasthuis weet er alles van als een incident de kwaliteitscurve gaat bepalen. Hij heeft het er liever niet meer over maar het houdt hem ook nog steeds bezig. Een ernstige calamiteit op de afdeling Gynaecologie heeft zes jaar (!)  geleden enorm veel schade berokkend aan het imago van het ziekenhuis. Het heeft uiteindelijk wel geleid tot betere zorg maar het ziekenhuis ondervindt nog steeds last van de imagoschade. En dat terwijl het Westfriesgasthuis uitstekende zorg biedt en alle cijfers keurig op orde heeft, zowel wat betreft kostprijs als geleverde zorg. Redacteur Zorgvisie Bart Kiers verwijst er nog eens fijntjes naar in zijn column die hij later op de avond uitspreekt en publiceert in Zorgvisie Online.

Maar de vraag is of het voorkomen van fouten en complicaties moet leiden tot zo’n ondoorzichtig inkoop- en beoordelingssysteem dat nu onder de loep wordt genomen. Het schaadt de zorg en de patiënt wordt er alleen maar onzeker van. Kiers verwoordt het tijdens de bijeenkomst als volgt:

“De zorg heeft een vertrouwensprobleem. En dat doet de roep om transparantie groeien. Echter veel artsen zijn bang dat ze erop worden afgerekend als ze meewerken aan het transparant maken van kwaliteitsverschillen. En dat klopt. Ze worden gebruikt om volume uit de markt te halen”.

Transparantie

Dr. Erna Scholtes, gepromoveerd op het onderwerp Transparantie, heeft een verfrissende kijk op begrip en context. En dat is nodig om na te gaan waarom transparantie vanuit de beleidsmakers noodzakelijk is, dokters het wel willen maar toch niet zien zitten en de etalage volstaat met onbruikbare gegevens.

Scholtes heeft voor haar proefschrift meer dan 5.000 Kamerstukken gelezen over transparantie en de transparante overheid. In de crisisjaren was er zelfs sprake van een ware explosie als het ging om het thema transparantie.

Scholtes stelt dat transparantie verhelderend en bewegend in één is. Het gaat bij de zender om beïnvloeding van gedrag, een interventie. Het gaat niet alleen om de kenbaarheid van informatie, maar ook aan het eraan toekennen van betekenis. En dus is er sprake van ambitie, een boodschap, een emotie en vertrouwen.

Ontvangers zijn echter ook betekenisgevers. Dat is echter niet duidelijk te maken vanuit de Kamerstukken. Het publiek ontbreekt. Bereikt het de mensen wel? Zorgen ze wel dat iets kenbaar gemaakt en gevonden wordt?  Is er wel of geen antwoord op de vraag en snappen ze het? Is het navolgbaar, wordt het begrepen? Dit is nog los van de cijfers en de statistiek. De houding is vooral van belang, evenals wederkerigheid.

Open kaart

Alle betrokkenen zijn het eens met de stelling dat zowel zorgverleners als zorgverzekeraars open kaart moeten spelen als het om transparantie gaat. Vanuit die wederkerigheid kun je opening van zaken geven over inkoopvoorwaarden en hoe je er mee om wilt gaan.

Waar ligt dan de verantwoordelijkheid? Bij de verpleegkundigen, artsen, beroepsorganisaties?

“Er is teveel beleid op de werkvloer. We moeten alles terugbrengen naar de patiënt”, aldus Sabine Uitslag, voorzitter van de Vereniging van huidtherapeuten

Het gaat om gerechtvaardigd vertrouwen”, zegt Maarten Klomp (huisarts). En dat gerechtvaardigd vertrouwen vraagt om indicatoren die recht doen aan het vertrouwen; de cijfers van arts en patiënt. “Een maatschappelijk vertrouwen”,  vindt LHV voorzitter Ella Kalsbeek. “Dat vertrouwen is gebaseerd op kwaliteitsbeleid van met name professionals. Dat kun je niet gebruiken voor volumenormen, prijsbepaling en toezicht”. En KNMT voorzitter Aad van der Helm voegt daar aan toe: “Het is vooral van belang om de zorg voor de patiënt te verbeteren”.  

Data, indicatoren en afspraken

Het jaar van de transparantie is vooral een systeemverhaal. Verzekeraars hebben veel data. En een organisatie als de NPCF wil data gebruiken voor bijvoorbeeld een herniaoperatie. Wanneer organisaties die cijfers zelf gaan interpreteren gaat het mis. Willekeurige data zijn niet geschikt. Het is een soort oliebollentest van het AD.  

Data van zorgverleners, verzekeraars en beleidsmakers zijn goed bruikbaar wanneer je vanuit de patiënt goede uitgangspunten hebt voor verbetering. Dan kijk je met een andere blik en gebruik je de data om te interpreteren vanuit hetzelfde uitgangspunt: Wat is voor verbetering vatbaar? Daar maak je vervolgens heldere afspraken over.  

PvdA Kamerlid Lea Bouwmeester geeft aan dat in Zweden slechts 8 indicatoren worden gebruikt. De set wordt in samenspraak met de patiënt vastgesteld. Voor de Medisch Specialisten in Nederland hebben we er 260 (!).

Professionalisering, vertrouwen en wederkerigheid

De inspectie heeft in samenwerking met de Federatie Medisch Specialisten ook gezocht naar een goede set waardoor de ziekenhuissterfte aanzienlijk is afgenomen. Hoofdinspecteur Hans Schoo vindt het ook prima om te werken met een keurmerk: “Accreditatie is een prima alternatief; laten we dit samen doen”.

Basisvoorwaarde is dat je eigen data op orde zijn. Dat is ook een basis voor de kwaliteit van zorg die je levert. Maar het is niet voldoende: “Wanneer je als huisarts lage verwijscijfers hebt, wil dat nog niet zeggen dat je uitstekende zorg verleent aan je patiënten”, aldus Bram Stegeman, bestuurslid van de LHV. “Maar zonder cijfers kom je er ook niet. Voor optimale kwaliteit is het en…en. Het van belang dat je ook over spiegelinformatie beschikt voor reflectie, intervisie en intercollegiale toetsing”.

Daarbij moet het accent niet liggen op het systeem, de organisatie maar vooral op patiëntervaringen. Het systeem moet niet het doel worden, wantrouwen is overal. Het allerbelangrijkste is gelijkwaardigheid in de relatie, in dit geval in de driehoek patiënt, zorgverlener en zorgverzekeraar.


Drs. Janke van der Zaag